RECENSIE “THE MORE SOCIALLY RELEVANT JAZZ MUSIC ENSEMBLE”

Zaterdag 29 maart 2014, Windkracht 13

foto; TMSRJME

TMSRJME | Foto: B. Aggenbach

Nog voor je dertigste al een arrivé in de vaderlandse jazzwereld met een Edison op zak, leider van een ensemble en spelend in tal van nieuwe formaties. Gitarist Reinier Baas kan beslist worden beschouwd als de voorman van een nieuwe generatie jazzmusici. Gisteren stond hij al voor de derde keer op het Windkracht 13 podium, ditmaal met zijn ensemble van jonge raspaarden om het Helderse publiek te laten kennismaken met ‘jazz 3.0’, zoals iemand dat noemde. Nu hadden veel lokale jazzliefhebbers daar geen boodschap aan, want de opkomst was heel matig. Bovendien bleek bijna de helft van de kleine veertig bezoekers van ‘buiten’ te komen! Dat deze band nogal door de landelijke pers wordt bewierookt, maakt hier blijkbaar niet veel indruk.

foto: TMSRJME

TMSRJME | Foto: F. Geldermans

Is dit TMSRJME – ‘de toekomst van de jazz’- nu inderdaad het ‘spannendste jazzbandje’ van dit moment? Eigenzinnig is Reinier Baas beslist in zijn rol van componist van de meeste stukken, die ten gehore werden gebracht. Veelal beginnend met een ingetogen inleiding op de gitaar, waarin de structuur met veel mooi geplaatste akkoorden en arpeggio’s als het ware werd aangekondigd voor zijn medemuzikanten, waarvan bas en drums vaak met nogal hoekige invallen langzaam ‘into the groove’ kwamen. Grooves, want kenmerkend waren de vele wisselende ritmes en oneven maatsoorten. De beide rietblazers – Maarten Hogenhuis en Ben van Gelder, beide op altsax – speelden de korte chorussen, soms unisono, soms tweestemmig, die het publiek enig melodieus houvast boden. Want de composities van Reinier Baas zijn op zijn zachts gezegd tamelijk pittig qua structuur. Te ‘bedacht’, was één van mijn eerste gedachten. Te bedacht knap geconstrueerd: kijk mij eens geraffineerd spelen. Het moet gezegd, het was beslist knap wat hij en zijn band lieten horen. Vooral ook de bijdrage van het ritmetandem Mark Schilders(drums) en Sean Fasciani(contrabas) was hierin ijzersterk. Met grote precisie werden deze complexiteit vorm gegeven in meestal nogal stompende ritmiek. Geen vloeiende ‘walking bases’, maar meer een stuwend stuiteren. Een van de songs is dan ook getiteld “Stuiter”. Of wat dacht u van “Eyjafjallajökull”. Omen is nomen!

Foto: TMSRJME | Foto: B. Aggenbach

TMSRJME | Foto: B. Aggenbach

Bijzonder is de rol van de twee altisten. Deze combinatie komt niet zo vaak voor, maar bood een mooie gelegenheid om beide blazers te vergelijken. Beiden worden beschouwd als grote beloften. Ben van Gelder bracht met mooie klare noten nogal lyrische solo’s, duidelijk zoekend naar schoonheid, terwijl Maarten Hogenhuis een meer avontuurlijk pad volgt, op zoek naar de donkerder krochten van de muzikale ziel. Zij toon is dan ook donkerder, met soms schrille uithalen. Een van de hoogtepunten was zijn geweldige solo in het afsluitende nieuwe stuk “Smooth Jazz Apocalypse”, waarbij hij duidelijk liet horen dat John Coltrane nooit ver weg is. Dit was trouwens een lekker stukje vuige garagerock – punk zo u wilt – met een passend modderig vette gitaarpartij van Baas, die de band opjoeg naar een – jawel – stuiterende finale. Opvallend trouwens dat de jonge bandleider beide sets zittend speelde, niet echt ‘rock ’n roll’, lijkt me. Maar zijn spel is zonder meer fraai; hij ontlokt uit zijn Gibson ES 175 gitaar een volle warme klank, met ronde noten. Zijn spel is zoals zijn composities zijn: eigenzinnig. Mooie vloeiende single string reeksen wisselt hij af met snelle akkoordenreeksen.

foto: TMSRJME | Foto: F. Geldermans

Reinier Baas | Foto: F. Geldermans

Qua stijl is hij moeilijk te plaatsen en dat is natuurlijk een compliment waard, al liet een bezoeker de naam van de Belgische gitarist Philip Catherine vallen, maar dan ‘meer elektrisch!’

Vrijwel alles werd zonder papier gespeeld, ook dat is een teken van klasse bij deze complexe muziek, die wel veel van de luisteraar vraagt, zonder deze ook daarvoor vaak te belonen. Maar soms zijn daar die momenten, waarvoor je naar een bandje gaat. Na een break, waarin de bas begint met een solo, die echter voor die ‘van de grond komt’ wordt overgenomen – of was het verstoord ? – door Reinier Baas, die al stemmend in tune komt, waarna Ben van Gelder met een omvloerste alt invalt…….. ha! Schoonheid! Was het ingestudeerd of was het gewoon gerommel? Wat zou het, dat was briljant!

Na een korte ingetogen toegift nam de band afscheid van het publiek, dat weer vroeg naar huis kon, want de sets waren korter dan de lange bandnaam zou kunnen doen vermoeden.

Gerard Hoekmeijer