Recensie Bruut! & The Jig

Bruut! vrijdagavond 20 juni 2014; rockcafé De Engel

The Jig; zaterdagavond 21 juni 2014; Windkracht 13

foto: The Jig

The Jig

Zal het Helderse jazzweekend – aflevering 2014 – te boek komen te staan als een keerpunt? Zou er toch weer meer behoefte aan kwaliteit en echte jazz ontstaan? Deze wellicht wat al te pretentieuze vragen worden mij ingegeven door het heugelijke feit, dat in café De Engel in de Koningstraat, toch vooral bekend van rockmuziek van de hardste soort, afgelopen vrijdag het jazzkwartet Bruut! aantrad. Deze jeugdige en onversaagde jazzcats kweten zich vrolijk zwetend van hun missionaire taak in een lekker druk etablissement, dat slechts op het ontbreken van de klassieke sigarettenrookgordijnen na, een perfecte bruine jazzkroeg in de roemruchte jaren vijftig had kunnen zijn.

foto: The Jig

The Jig

Het overwegend jeugdige publiek genoot zeer van hun verrichtingen en al spelende ontstond er een fijne sfeer en interactie tussen hen en de musici. Bruut! trad al eerder aan in Den Helder in 2012, onder auspiciën van jazzgenootschap Nieuw & Diep in Windkracht 13 en had onder de liefhebbers al een heel goede indruk achtergelaten. Thomas Rolff op de contrabas en Felix Schlarmann achter de kit legden kunnen swingen als de neten en leggen bij tijd en wijle behoorlijk geile grooves neer, waarbij je niet anders kunt doen dan vingerknippend mee te doen. Dat doet me altijd weer denken aan die prachtige scene van Jiskefet, waarbij Herman Koch en Kees Prins op een krakende doch onweerstaanbaar swingende beboptune in een über coole pose ‘meeknippen’, waarna Michiel Romeyn langzaam het beeld in schuift en al ‘snappend’ sigaretten uitdeelt en in de flow van vuur voorziet. Altsaxofonist Maarten Hogenhuis laat zich wederom kennen als een geweldige rietblazer, die soepel en verfijnd spelend virtuoze en soms complexe notenreeksen uit zijn hoorn blaast. Maar hij kan ook rauw schmieren en honken alsof hij een oude zwarte, door de R&B gepokmazelde tenorist is, die alle honky tonks in de VS heeft doorlopen. Top! Het geluid van Bruut! wordt natuurlijk in grote mate bepaald door het Hammond orgel van Folkert Oosterbeek. Hij laat zijn instrument zuigen en borrelen, grommen en gorgelen en is het moddervette bindmiddel van de band en speelt ondertussen – ogenschijnlijk los uit de pols – spannende solo’s. Oosterbeek behoort beslist tot de voorhoede van het hedendaagse jazzorgelgilde. Bruut! verrichtte vrijdag uitstekend zendingswerk voor de jazz!

foto: The Jig

The Jig

Dat kan ook gezegd worden van het optreden van de Amsterdamse funkboys, die onder de naam The Jig de podia onveilig maken. Minder jazz dan Bruut! weliswaar, maar met drie blazers en een funky ritmesectie werd het beloofde funkfeest in Windkracht 13 volledig waargemaakt. De galerie was bomvol en heet en het publiek gaf zich na een paar nummers al snel gewonnen. Na een half uurtje gaven een aantal dames zich al over en niet veel later stond heel WK 13 te dansen op zijn grondvesten. In de eerste set kwam er al een collectief hoogtepunt – voor de band en het publiek – toen de drie blazers zich al spelend onder het dansende publiek mengden. Met een mooie trompetsolo van Joep van Rhijn werd de spanningsboog heel geraffineerd weer teruggebracht, waarna na de pauze alle hekken van de dam gingen. The Jig is een hecht collectief, zonder echte uitschieters. Zoals het hoort wordt hun funk strak gespeeld met prominente rollen voor drummer Niels van Groningen, bassist Arry Niemantsverdriet en de kleine gitarist Martijn Smit. De bassist gaf af en toe wat lekkere ‘slappy’ solo’s en Smit bleek beslist een groot gitarist te zijn met heerlijk twinkelend funky akkoordjes en prima uitgesponnen solopartijen. Samen gaven zij heerlijk strakke unisono riffs ten beste, die ondersteund door messcherpe blazersintercepties de band ver boven de middelmaat uittilden. En ja, wat klink zo’n blazerssectie met tenorsax, barritonsax en trompet toch lekker vet.

foto: The Jig

The Jig

Het ronkende laag van de barriton van ex-Volkskrant jazzrecensent Koen Schouten knorde lekker in ons middenrif : bronstig, zo u wilt. Slechts eenmaal kreeg deze prachtige toeter een solospot, maar die werd dan ook zeer verdienstelijk benut door Schouten, die het hele geluidsspectrum van zijn instrument bestreek, van het dal met het sonore laag naar het meer knetterende midden tot in splijtende top. Ook bij The Jig vervult de toetsenman een rol als bind- en smeermiddel. Bas Grijmans speelt vooral dienend met enkele stijlvolle solistische bijdragen op zijn Hammond orgel. The Jig speelt vooral eigen composities, die op den duur wel wat eenvormig zijn, maar dat mocht de pret niet drukken. Want deze band speelt gewoon vrolijke muziek, met als hoogste doel: dansen. En dat doel werd bereikt. Nog nooit werd er zo massaal en overtuigend geswingd in Windkracht 13. En gezweten! “Sweat In The Buttcrack” zo zongen zij het feestende publiek olijk toe. En dat deden we………..geen bilnaad bleef droog in deze kortste nacht van het jaar.

Gerard Hoekmeijer

RECENSIE “THE MORE SOCIALLY RELEVANT JAZZ MUSIC ENSEMBLE”

Zaterdag 29 maart 2014, Windkracht 13

foto; TMSRJME

TMSRJME | Foto: B. Aggenbach

Nog voor je dertigste al een arrivé in de vaderlandse jazzwereld met een Edison op zak, leider van een ensemble en spelend in tal van nieuwe formaties. Gitarist Reinier Baas kan beslist worden beschouwd als de voorman van een nieuwe generatie jazzmusici. Gisteren stond hij al voor de derde keer op het Windkracht 13 podium, ditmaal met zijn ensemble van jonge raspaarden om het Helderse publiek te laten kennismaken met ‘jazz 3.0’, zoals iemand dat noemde. Nu hadden veel lokale jazzliefhebbers daar geen boodschap aan, want de opkomst was heel matig. Bovendien bleek bijna de helft van de kleine veertig bezoekers van ‘buiten’ te komen! Dat deze band nogal door de landelijke pers wordt bewierookt, maakt hier blijkbaar niet veel indruk.

foto: TMSRJME

TMSRJME | Foto: F. Geldermans

Is dit TMSRJME – ‘de toekomst van de jazz’- nu inderdaad het ‘spannendste jazzbandje’ van dit moment? Eigenzinnig is Reinier Baas beslist in zijn rol van componist van de meeste stukken, die ten gehore werden gebracht. Veelal beginnend met een ingetogen inleiding op de gitaar, waarin de structuur met veel mooi geplaatste akkoorden en arpeggio’s als het ware werd aangekondigd voor zijn medemuzikanten, waarvan bas en drums vaak met nogal hoekige invallen langzaam ‘into the groove’ kwamen. Grooves, want kenmerkend waren de vele wisselende ritmes en oneven maatsoorten. De beide rietblazers – Maarten Hogenhuis en Ben van Gelder, beide op altsax – speelden de korte chorussen, soms unisono, soms tweestemmig, die het publiek enig melodieus houvast boden. Want de composities van Reinier Baas zijn op zijn zachts gezegd tamelijk pittig qua structuur. Te ‘bedacht’, was één van mijn eerste gedachten. Te bedacht knap geconstrueerd: kijk mij eens geraffineerd spelen. Het moet gezegd, het was beslist knap wat hij en zijn band lieten horen. Vooral ook de bijdrage van het ritmetandem Mark Schilders(drums) en Sean Fasciani(contrabas) was hierin ijzersterk. Met grote precisie werden deze complexiteit vorm gegeven in meestal nogal stompende ritmiek. Geen vloeiende ‘walking bases’, maar meer een stuwend stuiteren. Een van de songs is dan ook getiteld “Stuiter”. Of wat dacht u van “Eyjafjallajökull”. Omen is nomen!

Foto: TMSRJME | Foto: B. Aggenbach

TMSRJME | Foto: B. Aggenbach

Bijzonder is de rol van de twee altisten. Deze combinatie komt niet zo vaak voor, maar bood een mooie gelegenheid om beide blazers te vergelijken. Beiden worden beschouwd als grote beloften. Ben van Gelder bracht met mooie klare noten nogal lyrische solo’s, duidelijk zoekend naar schoonheid, terwijl Maarten Hogenhuis een meer avontuurlijk pad volgt, op zoek naar de donkerder krochten van de muzikale ziel. Zij toon is dan ook donkerder, met soms schrille uithalen. Een van de hoogtepunten was zijn geweldige solo in het afsluitende nieuwe stuk “Smooth Jazz Apocalypse”, waarbij hij duidelijk liet horen dat John Coltrane nooit ver weg is. Dit was trouwens een lekker stukje vuige garagerock – punk zo u wilt – met een passend modderig vette gitaarpartij van Baas, die de band opjoeg naar een – jawel – stuiterende finale. Opvallend trouwens dat de jonge bandleider beide sets zittend speelde, niet echt ‘rock ’n roll’, lijkt me. Maar zijn spel is zonder meer fraai; hij ontlokt uit zijn Gibson ES 175 gitaar een volle warme klank, met ronde noten. Zijn spel is zoals zijn composities zijn: eigenzinnig. Mooie vloeiende single string reeksen wisselt hij af met snelle akkoordenreeksen.

foto: TMSRJME | Foto: F. Geldermans

Reinier Baas | Foto: F. Geldermans

Qua stijl is hij moeilijk te plaatsen en dat is natuurlijk een compliment waard, al liet een bezoeker de naam van de Belgische gitarist Philip Catherine vallen, maar dan ‘meer elektrisch!’

Vrijwel alles werd zonder papier gespeeld, ook dat is een teken van klasse bij deze complexe muziek, die wel veel van de luisteraar vraagt, zonder deze ook daarvoor vaak te belonen. Maar soms zijn daar die momenten, waarvoor je naar een bandje gaat. Na een break, waarin de bas begint met een solo, die echter voor die ‘van de grond komt’ wordt overgenomen – of was het verstoord ? – door Reinier Baas, die al stemmend in tune komt, waarna Ben van Gelder met een omvloerste alt invalt…….. ha! Schoonheid! Was het ingestudeerd of was het gewoon gerommel? Wat zou het, dat was briljant!

Na een korte ingetogen toegift nam de band afscheid van het publiek, dat weer vroeg naar huis kon, want de sets waren korter dan de lange bandnaam zou kunnen doen vermoeden.

Gerard Hoekmeijer

RECENSIE “PURE!SOUL!POWER!!”

zaterdag 23 november 2013; Studio 62

foto: Pure!Soul!Power!!

Pure!Soul!Power!!

Soms bruist Den Helder. Zeker op deze zaterdagavond in november. Studio 62 is in de ban van de funk met op het podium een enthousiast collectief van 14 jonge muzikanten, die onder de treffende naam “Pure!Soul!Power!!” hun versie 2.0 geven van wat Sly Stone en zijn familie ooit in de jaren zestig zijn begonnen.

De opening was mooi met een lang synthesizerintro, als inleiding voor een eredienst voor de funk, maar dan wel in space. Eén voor één beklommen de voorgangers het podium – in de juiste volgorde ook: eerst de drummer. Alles op de één. Daarna de bassist en weer even later de beide gitaristen en zie: da groove is geboren! Vanaf dat moment behoefde

foto: Pure!Soul!Power!!

Pure!Soul!Power!!

de verzamelde schare Helderse funkateers geen aanmoediging meer om de heupen los te gooien en was Studio 62 “Funkenstein”. Toen de hele band tenslotte het podium had betreden, was het daar zo vol, dat uw recensent even bang was voor instortingsgevaar. ‘Er staan er meer op het podium dan in de zaal’ meesmuilde iemand in mijn oor. En ja,zo leek het wel een beetje, want de opkomst was met ruim 100 bezoekers aan de lage kant. Dat zal zeker ook het gevolg zijn geweest van een concurrerend optreden van Hans Dulfer in Hotel Den Helder. Jammer, maar helaas niet altijd te voorkomen. Ach, het heeft ook zijn voordelen. Er valt op deze zaterdag iets te kiezen in een toch al ruim aanbod van livemuziek dat de stad op zaterdagen biedt. Welke (provincie)stad heeft dat? Pure!Soul!Power!! verdient echter een veel groter publiek, daar waren alle aanwezigen het over eens. Want deze band heeft een flink aantal sterke punten, dat een doorbraak naar het grote publiek rechtvaardigt. Allereerst het enthousiasme, het plezier en de gedrevenheid. Zoveel passie zie je zelden op het podium. Alleen al het aanschouwen van drummer Jody van Ooien, die zich als een speels roofdier gretig stort op zijn kit en de turbostrakke groove aanjaagt,  bezorgt de grootste chagrijn nog een zonnig moment. Maar dat geldt voor alle leden van

foto: Pure!Soul!Power!!

Pure!Soul!Power!!

dit funkcollectief. De beide voorzangers – Alex Siegers en Maike Dubelaar zijn het stralende middelpunt van een dynamische podium choreografie, waarbij de beide MC’s als duveltjes uit doosjes van links naar rechts het podium over stuiteren compleet met afsprongen van de monitorboxen. Het geluid is massief en toch redelijk transparant, uiteraard met de metronomisch geplaatste snareklappen vóór in de mix. Soms verdrinken de vocalen wat in het totaalgeluid en zijn de backing vocals – ‘twelve foot behind’ – van Eva van Pelt en Merel Donders haast niet te horen. Dat is wellicht de prijs van ‘het alles op de één principe’.

foto: Pure!Soul!Power!!

Pure!Soul!Power!!

De band geeft het publiek nauwelijks de kans om op adem te komen of te applaudisseren, want de show gaat aan één stuk door. Als deze funktrein op stoom is, komt hij niet graag tot stilstand. Gelukkig werd de pauze door DJ Mr. Rigter vakkundig funky ingevuld. Na de pauze weet de band  weer knap snel in het juiste funkspoor te komen. Een ander sterk punt zijn de eigen songs, veelal van de hand van de sympathieke en gedreven frontman Alex Siegers. Deze passen uitstekend in de sfeer van de al eerder genoemde Sly Stone.

foto: Pure!Soul!Power!!

Pure!Soul!Power!!

Denk aan het optreden van zijn Family Stone tijdens het legendarische “Love & Peace” festival van “Woodstock”. Dat weet deze band goed naar zijn hand te zetten: op een bed van strakke grooves wisselen de vocalisten en rappers elkaar vlot af en vullen elkaar aan. Iedereen komt aan de beurt voor het voetlicht en maakt weer plaats voor een ander in een heerlijk organisch spel, waarin de driekoppige blazerssectie onder aanvoering van JOC-trombonist Bert Boeren fijne koperaccenten neerlegt. Er is weinig ruimte voor instrumentale solo’s, maar aan het eind van de tweede set komen ook de blazers en het koortje naar voren om zich één voor één in de spotlights te presenteren.  Het publiek gaat helemaal mee in deze glorieuze eredienst van Soul en Funk en de band komt graag terug voor een lange toegift om na bijna twee en een half uur ‘high energy’ voldaan de kleedkamer op te zoeken.

Gerard Hoekmeijer

Foto’s met dank aan B. Aggenbach

Zaterdag 23 november: PURE!SOUL!POWER!!

Hopelijk is het zweet van het concert van “The Jig” op tijd opgedroogd, want op zaterdag 23 november moet Den Helder er echt aan geloven: Funk, inderdaad met een hoofdletter – wat zegt u – een chocolade Telegraafletter ‘F’.

foto: Pure!Soul!Power!!

Pure!Soul!Power!!

De scouts van N&D zagen deze band op het North Sea Soul Festival in fort Kijkduin…….en waren verkocht! “Pure!Soul!Power!!” is een 13 tot 16 koppig collectief, mede geïnspireerd door ”Kyteman”. Pure!Soul!Power!! wordt aangevoerd door de charismatische zanger en songwriter Alex Siegers, die samen met de al even getalenteerde zangeres Maike Dubelaar de krachtige en soulvolle vocalen voor zijn rekening neemt. Zij worden perfect afgewisseld en aangevuld door een rap en vloeiend MC duo, “Master Sureal” en “King Jule”. Dan is er nog een dameskoortje en een blazerssectie…………

foto: Pure!Soul!Power!!

Pure!Soul!Power!!

Maar allerbelangrijkst is de moddervette groove, veelal in mid-tempo, strak als een Zwitsers uurwerk. Bassen als heipalen waar je tegen aan kan leunen. Ook als je niet van dansen houdt, is het onmogelijk om deze vibes te negeren. Pure!Soul!Power!! zijn ware apostelen van de kerk van George Clinton, The Godfather, Sly Stone en Prince. Atheïsten en andere ongelovigen wordt aangeraden niet te komen, want het risico te worden bekeerd tot de FUNK is levensgroot!

Pure!Soul!Power!!: zaterdag 23 november 2013 | Studio 62 | DJ Mr. Rigter: 20.30u | aanvang 21.30u | entree: €10,-

RECENSIE “WINDKRACHT 7”

Zaterdag 26 oktober 2013; Windkracht 13

foto: Windkracht 7Windkracht 7 in Windkracht 13……..tja, grappig. ’t Zal wel toeval zijn dat het binnenkort gaat stormen. Het muziekgezelschap dat onder deze naam speelt bestaat uit zes jonge gasten en één jonge dame. Ze spelen louter eigen werk en hopen hiermee iets te betekenen in een wereld van vluchtige indrukken. Welnu, dat is ze gelukt, wat mij betreft. Sterker nog, het was een muzikale topavond in Windkracht 13. Het was zo’n avond, waarvan je na een paar noten al weet, dat je getuige zal zijn van iets bijzonders. Het begon al direct met de klank waarmee de 4-koppige blazerssectie onze gehoorgangen streelde. De basklarinet! Bespeeld door Tini (Katherine) Thomsen. Wat een sound…….bruin, knorrend……..het klonk zoals op turf gestookte en op eikenhout gefuste

foto: Tini THomsenIerse whiskey smaakt. Later werd ons door bandleider en componist Floris van der Vlucht verteld dat deze muzikante , die ook composities aanlevert, vooral geïnspireerd wordt door theeblaadjes, die op grote Nepalese hoogten groeien. Samen met de hoorn van Morris Kliphuis, de flügelhorn van Robert Scherpenisse en de sopraansax van van der Vlucht was zij verantwoordelijk voor een werkelijk hemels klinkende harmonie van koper en riet.

Met het koper en het riet weerklonk er soms klassieke kamermuziek, maar als de ritmesectie invalt………….Mark Haanstra, die zijn vingers als een ballerina over de ranke hals van zijn Fender jazzbas(gitaar) liet gaan… licht, speels en toch dwingend zoals een bas betaamt. Drummer Jamie Peet speelde pas voor de tweede keer mee als vervanger van de afgehaakte Joost Leibaart. Wat is het een genot om die knaap te zien spelen. Joost werd niet gemist! Jamie Peet is er eentje van de ‘buitencategorie’. Foto: Jamie PeetEen beetje vergelijkbaar met Owen Hart Jr. Maar helemaal puur zichzelf met zijn basale kitje met een minikick and snare. Martijn Vink? Noem me een paar topdrummers, maar onthoud deze naam: Jamie Peet! En dan Reinier Baas: aanstormend gitaartalent, wat heet! Zo waren we getuige van een waar ‘powertrio’, waar de toenmalige Creams en aanverwanten nog een puntje aan hadden kunnen zuigen. En dan niet qua geluidsvolume, maar puur als energiebron van spannende en funky grooves.

Windkracht 7 omschrijft zijn muziek als filmisch en daarmee slaat hij de plank niet mis. Het zijn mooie thema’s , die zich snel laten koesteren. Maar in elk stuk ontwikkelt zich een spannende zoektocht naar de ontlading. Soms zweren basklarinet, hoorn en basgitaar samen in een complot tegen de rest, dan weer haken zij loyaal aan bij de andere blazers. Voor het eerst in mijn leven hoorde ik geweldige solo’s op de hoorn. Wat een prachtig breed geluid en wat een power van Morris Kliphuis. Tini Thomsen deed daar niet voor onder op die lange houten pijp met zijn metalen krullen en kleppen: zo’n basklarinet gromt als een eikenboom, die gerooid dreigt te worden en knispert als……inderdaad Nepalese theeblaadjes. Ook Scherpenisse en van der Vlucht deden de nodige solistische duiten in de zak, de eerste zowel op flügelhorn en trompet, de laatste maakte vooral ook indruk met een prachtig vloeiende , lyrische impressie op de altsaxofoon. Verbluffend waren de solo’s van Reinier Baas. Zo jong nog en dan al zo overtuigend je verhaal vertellen!foto: Windkracht 7

Windkracht 7 bestaat uit louter topinstrumentalisten, dat moge duidelijk zijn, maar het is vooral de som der delen die dit ook een topformatie laat zijn. Ze gaan komende week de studio in voor de opname van hun eerste album en als ze zo spelen als gisteren in Windkracht 13, kan het niet anders dan een geweldige plaat zijn. De songs zijn behoorlijk foto: Reinier Baastoegankelijk, knap gearrangeerd en soms complex geconstrueerd. Maar een welwillend oor kan er van alles in ontdekken: ik hoorde Soft Machine, surfdeuntjes, Kurt Weil geschmier, Chicago Transit Autority(!) en ik hoorde iemand zelfs Nirvana noemen………. Ik had het net over een ‘power trio’, maar destijds – eind jaren zestig – kwam ook het begrip ‘supergroep’ in zwang. Welnu, ook nu anno domini 2013 bestaan er nog supergroepen. Windkracht 13 is er een! De kleine vijftig bezoekers in Windkracht 13 waren daar getuige van……inderdaad, the happy few….

Gerard Hoekmeijer

Foto’s: Fred Geldermans